Opmerkingen
Schiedammer Henk van den Hoek, 37 jaar oud, had geen schijn van kans. Tientallen dwangarbeiders zaten op 23 januari 1945 als ratten in de val in een kelder onder een school in Düsseldorf, toen een geallieerde bom hun schuilplaats verwoestte. ,,Ze werden bedolven onder het puin.\'\'
Van mijn vader zijn een zegelring, een knoop en een foto teruggevonden
Margrietha van den Hoek
Een foto van de nog jonge Henk van den Hoek. © Privébezit.
Ze heeft, ruim 70 jaar na dato, nog steeds een brok in haar keel als ze over haar vader praat. Hoogvlietse Margrietha van den Hoek (73), de jongste van de zeven kinderen die achterbleven toen Henk tijdens de grote razzia van november 1944 werd weggevoerd, zoals vele tienduizenden andere mannen, in Rotterdam en Schiedam.
Ze heeft vage herinneringen. Dat ze bij haar vader in de armen zat. Er soldaten met geweren binnen kwamen. Feit is dat de nog jonge lasser uit de Ampèrestraat in Schiedam-Oost werd meegenomen door de bezetter, die alle \'weerbare mannen\' tussen 17 en 40 jaar uit de samenleving wegplukte, uit angst voor een opstand. Onder het mom van Arbeitseinsatz, ofwel werken in nazi-Duitsland.
Zwaar werk
Haar vader kwam in de wijk Pempelfort in Düsseldorf terecht, waar hij zwaar werk moest verrichten aan het spoor. Tot die noodlottige dag in januari aanbrak, en om half 12 in de ochtend boven de hoofden van de dwangarbeiders de hel losbarstte. De Nederlanders vluchtten naar een schuilkelder onder de Franklin-school, die echter een voltreffer incasseerde.
Margrietha: ,,Ze zaten in die ruimte, met Duitsers die hen in de gaten moesten houden. De bom explodeerde en de mannen zijn geplet. Van mijn vader zijn een zegelring, een knoop en een foto teruggevonden. Daarop stonden mijn oudste zus en mijn broertje.\'\'